Nieuws
Berekening rente onderbedelingsvordering
04 juni 2014 | SuccessiewetEen testament bevatte een ouderlijke boedelverdeling. Alle bezittingen en schulden werden toegedeeld aan de echtgenoot, die verplicht werd om aan de kinderen ieder een bedrag schuldig te erkennen ter grootte van het erfdeel volgens de wet. De vorderingen van de kinderen waren pas bij het overlijden van de echtgenoot opeisbaar. De rente van 8% per jaar moest volgens het testament jaarlijks worden bijgeschreven. Verder was in het testament bepaald dat de kinderen geen samengestelde rente konden vorderen.
Na het overlijden van de langstlevende echtgenoot was de vraag of het jaarlijks bijschrijven van de rente betekende dat de rente zelf ook rentedragend werd. Dat zou inhouden dat de rente niet enkelvoudig maar samengesteld was. Volgens Hof Arnhem kon uit het testament niet worden afgeleid dat de rente samengesteld was. De voorgeschreven jaarlijkse bijschrijving is een aanwijzing daarvoor, maar in het testament stond niet dat rente over de bijgeschreven rente moest worden berekend. Wel bevatte het testament de uitdrukkelijke bepaling dat samengestelde rente niet kan worden gevorderd. Voor de erfrechtelijke verkrijging moest daarom worden uitgegaan van enkelvoudige rente.